In de Zuid-Limburgse heuvels, tussen berg en bos, ligt het pittoreske dorpje Sweikhuizen. Voor Marcel is dit een plek vol jeugdherinneringen. Als kind speelde hij er vaak in de tuin van zijn opa en oma. Onderaan die tuin lag een bijzondere plek: een beschutte kuil, omringd door groen, waar het altijd heerlijk rook en vogels floten. De kinderen noemden die plek “de koel” wat de Limburgse vertaling van de kuil is.
Tijdens familiebezoek op zondag mochten de kinderen daar vaak gaan spelen. En altijd klonk dan, half lachend maar toch ook waarschuwend, de stem van een oom:
“Kijk je wel uit voor de Koelemenkes? Die leven daarbeneden in de koel… en je weet maar nooit.”
Een speelse waarschuwing, maar één die bleef hangen. De naam de Koelemenkes nestelde zich in het geheugen en groeide mee, gevoed door fantasie en verbeelding
Jaren later woont Marcel met zijn gezin in ditzelfde huis op de
berg in Sweikhuizen.
Via het actieve verenigingsleven in het dorp kruisten onze paden
zich opnieuw. We kenden elkaar al uit onze jeugd, als kinderen uit dezelfde
straat, maar vonden elkaar later in onze gedeelde liefde voor verhalen,
historie en Limburg.
Tijdens de coronaperiode kreeg die liefde een eerste concrete
vorm. Marcel ontwikkelde een speurtocht voor kinderen rondom Sweikhuizen,
gebaseerd op de Koelemenkes. Met fantasie, opdrachten en ontdekking brachten de
Koelemenkes kinderen in beweging, juist in een tijd waarin veel stilviel. De
speurtocht werd enthousiast ontvangen en liet zien hoeveel kracht er schuilt in
verhalen.